In het kader van een nauwkeurige bepaling van de beleidswaarde is het - conform het algemene uitgangspunt in hoofdstuk 2 van de handleiding ‘functionele indeling winst- en verliesrekening 2019’ - essentieel dat allereerst de kosten zo goed mogelijk worden toegerekend naar de verschillende activiteiten. 


Medewerkers die een specifieke functie binnen de organisatie bekleden, kunnen in de praktijk ook binnen andere activiteiten (al dan niet meer operationele) werkzaamheden verrichten. De toerekening aan de diverse onderscheiden activiteiten, dient te zijn gebaseerd op een zo goed mogelijk benadering van de daadwerkelijke omvang van de inzet per activiteit, daarbij rekening houdend met aard en omvang van de organisatie. Hetgeen inhoudt dat bij de toerekening rekening gehouden dient te worden met de door functionarissen daadwerkelijk aan activiteiten (benadering van de) bestede tijd.

Na toerekening aan de activiteiten resteren kosten die niet aan de activiteiten zijn toe te rekenen. In paragraaf 3.6 ‘Overige organisatiekosten’ zijn daartoe enkele voorbeelden van functies/afdelingen opgesomd, waarvan de kosten geheel dan wel (na toerekening aan activiteiten) gedeeltelijk beschouwd kunnen worden als ‘overige organisatiekosten’.