In hoofdstuk 3.2.1 wordt gevraagd naar de ‘Toerekening overige kasstromen aan onderhoud’. U dient hier geen onderhoudsuitgaven op te geven die u reeds eerder opgaf in hoofdstuk 3.1.1, 3.1.2 respectievelijk 3.1.3 (op regel onderhoudsuitgaven). Ook dient u hier geen personeelsuitgaven (betalingen aan werknemers) op te geven die betrekking hebben op onderhoud, want die geeft u al op in “Deel van betalingen aan werknemers wat betrekking heeft op onderhoud”. Wel dient u hier op te geven welk bedrag van de andere operationele kasuitgaven betrekking heeft op onderhoud.


Voor de toerekening aan leefbaarheid geldt een vergelijkbare werkwijze. Onder ‘Deel van betalingen aan werknemers wat betrekking heeft op leefbaarheid’ geeft u aan welk deel van de personeelsuitgaven uit het kasstroomoverzicht in hoofdstuk 3.1.1, 3.1.2 respectievelijk 3.1.3 betrekking heeft op leefbaarheid. Onder ‘Toerekening overige kasstromen aan leefbaarheid’ geeft u aan welk deel van de andere operationele kasuitgaven er betrekking op heeft, waarbij het dus niet gaat om bedragen die u eerder al in hoofdstuk 3.1.1, 3.1.2 of 3.1.3 al opgaf als ‘Leefbaarheid externe uitgaven niet investeringsgebonden’ of ‘Betalingen aan werknemers’.